Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for the ‘gesprek’ Category

Mijn moeder en Commando-Hans

“Hoi, ma, met mij.”

Hai Kaat, wacht even hoor, ik stond net m’n pillen in te nemen, ik leg je even neer.”

Is goed, ma rustig aan. Je klinkt trouwens wel lekker vrolijk!”

Wacht even hoor, ik leg je even neer en dan zoek ik meteen even m’n luchtband.”

Kalm aan, ma. Ik wacht wel even.”

(De huistelefoon beland met een droge tik op het aanrechtblad en ik hoor mijn moeder de kraan open-en dichtdraaien. Een half uur geleden belde ik al op, om te vragen hoe het vandaag was gegaan met de eerste chemokuur uit de tweede serie van drie. En of haar wond van de operatie die ze zes januari onderging inmiddels al gesloten was. Ik kreeg toen mijn vader aan de telefoon die altijd als ik bel, meteen lijkt te denken dat ik hém niet wil spreken. Pas wanneer ik duidelijk maak dat ik ook best met hem wil spreken, houd hij op mijn moeder te roepen vanuit z’n huiskantoor. Ik moest dit keer maar even terugbellen, want mijn moeder zat op de bank te praten met Mia, de ex-vriendin van Commando-Hans. De oudste vogel-vriend van mijn ouders. De telefoon werd weer opgenomen met een krassend geluid.)

Zo, ben ik weer, schat; even m’n kont boven het gaatje parkeren”

(In gedachten zie ik haar het luchtbandje op de zwarte leren bank neerleggen en achteromkijkend met de telefoon aan haar oor d’r achterste boven de opening van de opblaasdonut parkeren.)

Is je stuit nu nóg open, ma? Dat duurt allemaal wel lang, zeg.”

Ja, die stuit ligt nog open. Die extra zesde wervel hadden ze van mij samen met m’n baarmoeder en de rest er ook wel af mogen zagen. Het bot zit te dicht onder mijn huid, dus die wond gaat maar niet dicht. Nu heb ik een viltje tussen m’n reetspleet. Daar zijn ze vanmiddag met z’n tweeën mee bezig geweest in het ziekenhuis. Zie je het al voor je? Sta je daar voorover gebogen in je blote reet met je ellebogen op de wc-bril terwijl ze van de wondverzorging met overgave een viltje in je reet proberen te sjoelen, Hahaha!”

Jezus ma, hahaha!”

En nu mag je vader vanavond zo’n extra -speciaal viltje tussen de klamme handel plakken, sexy hoor!”

(Het was fijn om te horen dat mijn moeder weer haar dosis dexamethason tegen het kotsen had gekregen die, naast dat het hielp tegen braken, de prettige bijwerking had dat ze klonk alsof er van kanker in haar lijf geen sprake was. Enorme spraakwatervallen kletterden neer uit de mond van een overwinnaar. De angst voor de dood en het verdriet om de ontdekte kanker die als een bom insloegen eind September 2010, werden dan drie dagen bijzaak als zij haar dexamethason kreeg. Ik had het al paar keer eerder meegemaakt: De euforie in haar stem, als die van een atleet die al vierhonderd meter vóór de finish zijn handen van victorie met gestrekte armen de lucht inwierp. Ik hield haar niet tegen. De eerste keer dat ze plotseling zo belachelijk vrolijk was van de pillen, moest ik huilen. Bij haar thuis, verborgen op de w.c. Met de deur op slot. Nog geen dag ervoor was ze compleet in paniek. Radeloos, hopeloos en hulpeloos van de vermoeidheid. Deze stemmingswisseling brak me de eerste keer toen even op.)

Heb je je dope weer gekregen ma? Je klinkt weer helemaal vrolijk”

Ja, vandaag mag ik er zelfs twee. Morgen nog één en overmorgen ook nog eentje. Loop ik wel met een rooie kop rond; maar verder heb ik nergens last van.”

En je buikwond; is ook al mooi aan het dichtgroeien?”

Ja, je vader heeft die dertig nietjes er zelf uitgewipt. Mocht van de chirurg. Alleen aan de onderkant moet er nog zo’n vijf centimeter aanelkaar groeien. Er zit nog maar drie milimeter tussen en dan is de wond gesloten. Het ziet er wel goed uit. Het is een enorme jaap, maar dat kan me niet schelen”

Hee, ma, wat hoorde ik nou? Gaat het niet goed met Hans? Ik hoorde van pa dat Hans’  z’n ex-vriendin net bij je op bezoek was”

Tja. Mia is nu al dagen bij hem thuis. Het gaat niet goed met Hans, maar hij wil zijn huis niet uit. Hij is bang dat ze zijn toko leegroven. Z’n dochter komt ook weer ineens over de vloer. En andere vage figuren. Hans heeft overal potjes met ‘eurootjes’ in huis staan. Je weet wel hoe Hans dat dan zegt. Ouwe sjoemelaar dat hij is”

Maar wat is er met Hans aan de hand dan, ma?”

Hans ligt al een poosje thuis met levercirrose. Z’n buik is aan één kant helemaal opgezwollen, net als z’n piemel en z’n benen. En opstandig! Mensen moeten Hans ook niet dwingen of voor het blok zetten, Kaatje. Voor Hans moet je lief zijn. Met stroop smeren. Dat weet je toch?”

(Hans. Commando-Hans. Hij was al jaren een vriend van mijn ouders. Eerst was hij klant in de dierenartsenpraktijk van mijn vader. Met zijn honden, vogeltjes en vooral met zijn reptielen. Hans is een Utrechter die vroeger een commando was. Hans smokkelde ook. Hij had ‘handeltjes.’ Hij had na zijn eerste en enige gestrandde huwelijk alleen nog vriendinnen. Vrouwen die hij het huis uit tiefte en nadien moeiteloos weer zijn huisje binnenlokte met kaarslicht en rozenblaadjes. Hans wist alle Latijnse benamingen van honderden reptielen uit z’n hoofd, aaide de hond en schoot met een pompbuks de reiger op z’n schuurdak zonder pardon dwars door zijn harses. Een drinker met slanke benen, armen vol tattoeages en lange grijze pijpekrullen samengebonden met een elastiekje in zijn brede nek. Als ik als kind met mijn moeder meeging naar Hans, om een illegaal hagedisje op te halen of een exotisch gesmokkeld vogeltje, kreeg ik een glas ijskoude cola die hij voor me neerzette op een achthoekige salontafel van eikenhout en glas. De tafel was een terrarium waar piepkleine hagedisjes leefden in hun achthoekige stad onder een hemel van asbakken, glazen vieux-cola en bier. Aan de muur hing een fotorealistisch schilderij van een erecte penis die steunde op zijn kloten. Daarnaast hing in dezelfde stijl een schilderij van een romige vagina met vochtig olieverfgeschilderde schaamlippen. Ik weet nog dat ik er verlegen naar keek, als veertienjarige en dat Hans dat zag en zei;” Dat is m’n broer en m’n zuster hangt ernaast” Overal stonden terrariums met kikkertjes, salamanders, slangen en hagedissensoorten. Mijn moeder en ik vermeden het woord ‘hagedis’ en vervingen het door ‘reptielen’. Van Hans moest het óf in het Latijn, óf helemaal niet. Verder stond zijn huis vol bromelia’s, orchideeën en varens. Zijn muren hingen vol lekkere- wijvenplaatjes en oosters houtsnijwerk. In de keuken stonden twee koelkasten. Eentje gevuld met afgesloten bakken meelwormen, ontdooide eendagskuikens en fruit voor de dieren. De andere voor bier, cola en een eendagsportie mensenvoer. Zijn landschildpadden gingen tijdens de winterslaap ook de koeling in, naast de bakken van kou versufte wormen. Een jaar of tien, twaalf geleden kwam ik nog eens terecht bij Hans thuis; waarvoor precies kan ik me niet meer heugen. De Hans uit mijn voorafgaande herinnering bestond nog wel, maar anders. Hij was ouder geworden in zijn gezicht en korter van stof maar niet onvriendelijk. De zomerse tuin van toen, waar een eekhoornren stond met zes vrolijk spelende pluimstaarten erin omgeven door bloeiende planten, was nu levenloos en overgroeid met dorre brandnetels en vlijmscherpe,vruchtloze bramen-struiken. In huis rook het naar hond en er was nog maar een enkel terrarium te bewonderen. De achthoekige salontafel was vanbinnen leeg. Z’n broer en z’n zuster hingen er nog in al hun sappige glorie bij. Nu ligt Hans alleen thuis met een kapotte lever, nadat hij vorige week weigerde de ambulance in te stappen toen zijn drinkebroeders hem er met luid getier in wilden duwen. De ambulance reed zonder patiënt weg en zijn drinkebroeders verlieten uiteindelijk Hans’ huisje, een lege koelkast achter latende.)

Dat is verdomme ook wat, ma. En wat nu? Is Mia bij hem?”

Ja, Mia is bij hem. Maar hij verrekt het om zijn huis te verlaten en nu gaat Mia toch bellen voor hulp. Kaatje, de man is zo’n macho wat dat betreft. Hans moet je niet opjutten, dan gooit ie z’n kont tegen de krib”

Maar ma, als hij zo thuis blijft liggen, is hij over een week gewoon hartstikke dood”

Ik weet het. Ik durf hem niet te bellen, want dan ga ik vast huilen. Hij is ook al geel Kaat, zei Mia”

Dat is echt niet goed. Zou hij niet gewoon dood wíllen ma? Hoe oud is Hans nu eigenlijk”

M’n moeder slikt even

Hans is nu zevenenzestig. En dan denk ik; ‘ Hans, godverdomme man, doe nou niet zo koppig en laat je helpen’. Dat gezuip ook van ‘m! Terwijl hij zo’n bijzondere man is, met zoveel interesses en humor. Ik vecht toch ook tegen die kanker, ookal weet ik niet waar de ellende gaat eindigen?

Iedereen is weer anders ma. Maar je doet het goed hoor. Je gaat het redden”

Ik heb nog genoeg om voor te leven, schat; Ik wil nog zoveel”

“ Zo is dat ma. Hee, luister, wanneer komt het  jou het beste uit als ik je weer even kom helpen: zaterdag of zondag?”

Moet ik even aan je vader vragen, wacht even”

(Ze roept naar boven waar m’n vader in z’n kantoor zit of hij ‘nou zaterdag of zondag naar de curiosamarkt wilde gaan.(M’n vader gaat zaterdag naar de curiosamarkt hoor ik hem terugroepen.)

Kaat, hij gaat zaterdag naar de curiosamarkt, dus als jullie zondag komen is het het beste”

Is goed ma, dan komen we zondag, trek ik even de stofzuiger door het huis”

Fijn dat je even belde, Kaat. Ik hou van je”

Ik hou ook van jou, ma, tot zondag hé?”

Tot zondag!”

Doeg!”

Dag!”

Ik druk op de rode knop van m’n mobiel en leg deze naast m’n computer voordat ik een slok van m’n lauwe bak koffie neem en het geluid van de televisie weer inschakel. Ik zie Commando-Hans en het gezicht van mijn moeder in gedachten ineengeschoven voor me verschijnen.


Hans Verhoef is overleden op zaterdag 19 Maart 2011


Advertenties

Read Full Post »